Smits en Otto Go Oz

donderdag, maart 16, 2006

Unreal!

Ondanks het feit dat we 8.924 km aan informatie hebben opgespaard voor deze post hebben we het aantal hoofdstukken weten te reduceren tot het laconieke getal 14.... Dus neem een comfortabele positie in en zorg dat je de nodige proviand voor handen hebt.

Index
  • Broom - Dampier (851 km)
  • Dampier – Cape range national park (647 km)
  • Cape range national park - Denham (805 km)
  • Denham - Geralton (434 km)
  • Geralton – Beekeepers natural reserve (132 km)
  • Beekeepers natural reserve - Perth (369 km)
  • Perth - Kalgoorlie (652 km)
  • Kalgoorlie – Bunda cliffs (933 km)
  • Bunda cliffs - Adelaide (1285 km)
  • Adelaide - Portland (601 km)
  • Portland – Melbourne (451 km)
  • Melbourne – Canberra (637 km)
  • Canberra - Sydney (245 km)
  • And the usual….

How ya going Cobbers,

Broom - Dampier (851 km)
WA - Where the outback meets the ocean. Na afscheid genomen te hebben van onze baarden zijn we de west kust gaan observeren. Het woord west kust impliceert al dat er een hoop kust is maar we hadden niet verwacht dat deze zo onwerkelijk mooi zou zijn.
Onze eerste bestemming was Dampier waar we de eerste prille glimpen van de WA sunsets hebben mogen ervaren
In Dampier aangekomen hebben we naast het strand en de gasfabriek ook samen met Bobine de locale mountains getrotseerd op zoek naar de beloofde aboriginal art.

Dampier – Cape Range National Park (647 km)
Vanuit Dampier zijn we naar Exmouth getrokken omdat we vernomen hadden dat het daar Kite Heaven zou zijn.
Aldaar hebben we ons kamp opgeslagen in het ‘Cape Range National Park’. Deze omgeving is eigenlijk te mooi om waar te zijn en onbegrijpelijk maar ideaal dat er geen ziel te bekennen is.
Op deze locatie hebben we dan ook vanzelfsprekend drie dagen gebivakkeerd.
Het gevoel dat je krijgt als je op een blauwe zee aan een wit strand, gedreven door een constante sea breeze over het koraal heen planeert is echt onbeschrijfelijk, dus dat gaan we ook niet proberen. De enige getuigen van dit hemelse tafereel waren enkele Emu’s die verbaast het geheel hebben aanschouwd. Kiten tot aan een sunset op een dusdanige locatie valt volgens ons moeilijk te overtreffen.
Dit strand heeft dan ook zeer verdiend het predikaat ‘Kite Heaven Beach’ gekregen. Het was tevens op dit strand dat de eerste gecontroleerde sprongen (+1m) een feit waren en zelfs onze muziek klonk hier goed.

Cape Range National Park - Denham (805 km)
Omdat het eigenlijk te mooi was in Exmouth hebben we geprobeerd ons realiteitsbesef te herwinnen door te verkassen richting Denham. Helaas bleek dit allerminst een oplossing.
Aangekomen in Denham zijn we ’s ochtends de wilde dolfijnen gaan voeren in ‘Monkey Mia’.
Vervolgens hebben we ons gesettled op een camping aan ‘Shark Bay’. De naam ‘Shark Bay’ nodige zeker uit tot een kite surf sessie die stand gehouden heeft tot aan de sunset. De enige andere locale kitesurfer (manager van Monkey Mia) heeft ons nog met diverse rides vergezeld.
De sunsets in WA zijn allerminst onaardig en we hebben dan ook uiteindelijk onze kites neergelaten om dit natuurverschijnsel in een comfortabele positie te aanschouwen.
Vanzelfsprekend hebben onze instrumenten zich niks van dit tafereel aangetrokken en hebben luidkeels van zich laten horen. Vervolgens hebben we een dusdanige BBQ gehouden (bord vullende steaks) dat onze afterdinnerdip uitliep in een vredige nachtrust.

Denham - Geraldton (434 km)
Een volgende poging om deze droom te ontvluchten was ons zuidwaarts vertrek.
Na een tussenstop in ‘Coral Bay’ zijn we doorgetuft naar Geraldton.

Geralton – Beekeepers Natural Reserve (132 km)
Nadat we ’s ochtend vriendelijk gewekt werden door de locale ranger hebben we onze rust 150m verder aan de kust voortgezet. Omdat de wind enigszins van streek was door een noorderlijke cyclone zijn we verder zuidwaarts gereden en zijn gestrand in het Beekeepers Natural Reserve. Hier bleken talloze vliegen te vliegen waardoor Smits zich vermomde als Beekeeper.
De sunset was ook hier zeer pittoresk en de harmonica en gitaar hebben getracht elkaar te overtreffen.

Beekeepers Natural Reserve - Perth (369 km)
Omdat we al twee dagen niet meer gekite hadden begon het toch weer te kriebelen. De wind leek prima en dus toverde we onze kites tevoorschijn op onderstaand (middelste foto) strand. Al snel bleek de wind (door eerder genoemde noordelijke cyclone) erg onvoorspelbaar. Smits zocht zijn heil al vlug terug on shore en aanschouwde een onvergetelijke actie van Otto. Deze actie hield in dat Otto ongeveer 5 maal zijn eigen lengte de lucht in werd getrokken tijdens een geplande body drag sessie (tea bagging). Na deze enigszins overdreven vlucht leek het Otto toch verstandig om zijn kite te landen. De keuze om dit landinwaarts te realiseren bij deze gusty wind bleek niet de meest optimale. Deze kamikaze landing in een halve meter zeewier, resulteerde in een moerasmonster dat vooral doet denken aan die pratende composthoop van de Freggels. Hier heeft Otto dus ook de nickname Otto Gusty verdiend die waarschijnlijk niet snel overwaait. Dit strand heeft het predikaat ‘Kite Hell Beach’ zeker verdiend.
Omdat de wind toch niet ideaal bleek zijn we doorgereden naar ‘The Pinnacles’. Dit is een woestijngebied met uitstekende lijmsteen pinnacles. Het mooie was dat we met Bobine door dit national park mochten toeren en ook zij vond het zeer aangenaam.
Het lijkt een soort van termite city waar uit de kluitengewassen kippen blijkbaar graag scharrelen.
Hierna heeft Bobine ons veilig in Perth afgeleverd waar we een camping aan de rand van het centrum opgezocht hebben.
’S avonds hebben we Peth verkend door maar weer eens goed te gaan stappen. We zijn gaan indrinken bij het poolcenter, vervolgens doorpinten in de karaoke bar en tenslotte afpilsen in de Hippyclub. Gelukkig kon de behulpzame taxichauffeur onze camping locatie destilleren uit onze vaag klinkende omschrijving en werden we ’s ochtends gewekt door een Grolsche kater. Voorafgaand aan de traditionele ochtendduik kwamen we tot de opmerkelijke constatering dat onze zwemkledij ontvreemd was. Vanaf nu dus geen foto’s meer met blauwe en witte zwembroek!

Perth – Kalgoorlie Boulder (652 km) – ‘The Pioneers Pathway’
In Perth hebben we besloten de kompasnaald op de O te houden met Kalgoorlie Boulder (een goudmijn stadje) als eerste bestemming. De bomen onderweg bleken een soort van uit de kluiten gewassen broccolies met het wannabie rabarber syndroom. De kuil die de Ozzies in Kalgoorlie Boulder gegraven hebben kan als voorbeeld dienen voor de gemiddelde Duitser in Zandvoord. In Kambalda hebben Bobine’s stoelen de ligstand bereikt bij saltlake ‘Lake Lefroy’.

Kalgoorlie – Bunda Cliffs (933 km) ‘The Nullabor part 1’
Hierna zijn we aan de grote oversteek van west naar oost begonnen over de Nullarbor Plains. Deze route bevat tevens de langste rechte weg van Australie, namelijk 146,9 km. Onderstaand enkele typerende beelden van onderweg. Met o.a. dank aan de creatieve geest van Frans Otto (Pa Gusty).

Bunda Cliffs - Adelaide (1285 km) - The Nullabor part 2
Na een prima nachtrust genoten te hebben aan onderstaande cliffs hebben we Bobine voorzien van verse olie op deze afgelegen plaats. De wind was hier zo heftig dat zelfs Gusty van mening was dat kiten niet verstandig was. Deze dag hebben we 1285 km gereden zonder te kort te doen aan het spectaculaire landschap.

Adelaide - Portland (601 km)
Bobine vond Adelaide een erg aantrekkelijk stadje maar even friemelen aan haar gevoelige draden bracht haar snel op andere gedachten. Om Great Ocean Road te bereiken zijn we naar Portland gereden waar we in de plaatselijke haven de ‘swags’ ritueel gevuld hebben.

Portland – Melbourne (451 km)
Great Ocean Road doet zijn naam zeker eer aan en is echt GREAT. Deze weg ligt voornamelijk langs de kust en is truly magnificent. De welbekende 12 apostles hebben een sneuvelgeval gehad en dus hebben wij ze gedoopt als: ‘De raad van 11’.
Geen woorden nodig...
Bij aankomst in Melboure kwamen we toevallig langs de plaatselijke commedyclub waar onze lachspieren overduidelijk op de proef werden gesteld. Vervolgens zijn we beland in de karaoke bar onder ons hostel (oud hotel) in hardje chinatown.

Melbourne – Canberra (Gandaroo)(637 km)
De volgende ochtend zijn we richting Canberra vertrokken waar Gusty een hoop familie heeft. We zijn begonnen met het op de proef stellen van de maaltijd-uitstel-tijd en werden aangenaam verrast door het uitzonderlijk smaakvolle traditionele ozzie meal van Anton en Antoinette. De maaltijd was in hun nederig stulpje in Gundaroo waar ook Tecla en Daniel waren aangeschoven. Na van een, in echt bed en dus erg zachte (bedankt Tecla), nachtrust genoten te hebben zijn we met Anton en Antoinette op de motor Canberra gaan verkennen. Anton bleek een veel te grote motor met cruisecontrole, verwarming, radio en fauteuil te rijden (no offence, that’s no bike but a luxury car) en achteraf bleek dat we de guinea pigs (proefkonijnen) van Antoinette waren (Antoinette we hebben ons nog nooit veiliger gevoeld!). Deze tocht werd afgesloten met een erg gezellig diner waarbij de hele familie aanwezig was.
De volgende dag hebben we ’s ochtend een bakkie gedaan bij Nick en Joy. Vervolgens heeft Nick hun nieuwe (100 acre) property laten zien waarbij we met de 4WD zelfs even op ‘own territory’ verdwaald waren. Hierna hebben we de king size caravan (the ultimate kermisklant dream) met chevy bewonderd. Het mooie was dat Otto de 4WD en Smits de Chevy huiswaarts mochten rijden (No offence, but that’s no car, that’s a truck). ’S avonds hebben we wederom een te goed diner gehad bij chefs Nick en Joy, tevens waren Michael, Tracey en Phillip van de partij. Vervolgens hebben we met Mark, Janice en Daniel afgepilst in Canberra-city. Na een goede nachtrust en een prima ontbijt bij Regina (Nicole, thanks for borrowing your room - Gusty) zijn we weer opgehaald door A&A. In Canberra heeft Smits tevens van de gelegenheid gebruik gemaakt om zijn fashion keten nieuwe ‘air’ in te blazen.
Family in Canberra: We had a fabulous time, it was great to meet everybody and have a small impression of how you all doing, sorry we couldn’t stay longer, next time better!

Canberra - Sydney (245 km)
De laatste reis was van Canberra naar Sydney om afscheid te nemen van onze grote liefde. In Sydney hebben we een camping gezocht waar we na aankomst meer dan goed met de campingbaas op konden schieten. Dit had tot gevolg dat we 5:00 uur ’s nachts vanuit zijn huis, in een heel andere toestand, de locatie van onze tent terug moesten zien te vinden. De volgende dag zijn we naar de carmarket gegaan om onze liefde tentoon te stellen. In deze parkeergarage stonden minstens 15 andere station wagons te koop, welke allemaal goedkoper waren dan onze bolide. Toen we binnen reden en Bobine parkeerde, bleken onze overburen plotseling toevallig startproblemen te hebben. Hiertoe kwam de enige klant in de carmarket meteen naar Bobine gelopen en na een proefrit was ze meteen verkocht. Hiermee hebben we het carmarket record dubbelendwars verbroken (binnen een half uur) met deze onvoorstelbare deal. We hebben Bobine verkocht voor het symbolische bedrag van $100 meer dan we haar gekocht hebben 20.555 km geleden.
Net op het moment dat je denkt dat je niet meer geluk kan krijgen kom je in de metro een Braziliaan tegen die je een telefoonnummer geeft van een huisbaas die voor $12 per nacht (hostels gemiddeld $25) kamers verhuurd aan studenten. Met als gevolg dat we i.p.v. 2 weken parkeergarage, 2 weken Sydney centrum cadeau krijgen. Het huis waar we zitten is een soort van WG dus we voelden ons meteen thuis (nog thuiser dan de locals...).

Hang loose (maar niet te loose Dusty),
Gusty and Dusty

Map:

Statistics::
  • Percentage aan Slim Dusty muziek tijdens de roadtrip = gestegen van 51% naar 96%
  • Foto count deze post = 1064
  • Foto count totaal = 4847
  • Huidige kilometerstand: 231.931 [km]
  • Afgelegde afstand deze post = 8.924 [km]
  • Afgelegde afstand totaal = 20.555 [km]
  • Road kill count deze post = 367 [kadavers]
  • Road kill count total = 446,5 [kadavers]
Zelf zijn we verantwoordelijk voor:
  • Een zwerm suicidale vogels (+/- 4)
  • Nog een zwerm suicidale duifachtigen (+/- 6)
  • Een konijn luiserend naar de naam BobBob (ondanks de wicked bullbar)
  • Dick Smith’s Kitty (thanks to the quick reaction of Daniel)

Conclusions:
We denken dat er een verband bestaat tussen het aantal veren in de achteruitkijkspiegel en de hoeveelheid vogels die gesneuveld zijn, Het kiezen van een greyhoud bullbar blijkt een verstandige keuze aangezien de stukken geit ons om de oren vlogen, Anton VB smaakt Very Best, Smits happens, Dusty klinkt best Rusty, Hoe goedkoper de tape hoe beter de muziek, Rijden naar het zuiden betekend hier niet dat het warmer word.

Recommendations:
Kite Heaven Beach in het Cape Range National Park, Kiten bij een WA sunset, Great Ocean Road, West kust, Zuid kust, Bunda Cliffs, Australie, gekoelde Starbust Gummi Fruits.

Further Questions:
Brengt een konijnenpootje in de wielkas ook geluk?, Hoe leg je vogels uit dat je Bobine beter niet kan koppen?, Kan iets te mooi zijn?, Gaat de tijd te snel of is de vakantie te kort?, Wie is er verantwoordelijk voor het formaat van een velletje WC papier?, Een koala slaapt 80% van de dag en heeft energie voor zijn hersenen ingeleverd om giftig voedsel te kunnen verteren – WG is dit dan misschien het ideale studentenhuisdier?

Summary:
Unreal!

Acknowledgements:
Anton & Antoinette, Tecla, Daniel, Nico & Joy, Michael & Tracey, Phillip & Malia, Regina, Mark & Janice bedankt voor de gezellige tijd in Canberra.
Vanuit deze kant iedereen bedankt die Mariëlle heeft geholpen bij de verhuizing.
Bobine bedankt voor een onvergetelijke trip en dat je nieuwe baasje net zo veel plezier van je mag hebben.

Congratulations:
Bart en Lonneke gefeliciteerd, Otto feliciteert weer iedereen en Smits houd wederom vast aan de disclaimer.

De volgende keer in smitsenotto.blogspot.com:
Vertrek Oz en Kuala Lumpur.

Huidige status:
Te relaxed in Sydney…

donderdag, februari 23, 2006

We're gonna take Bobine for a run

Ey Blokes,

While winding trough the spinifex and miles of burning sand, rock en rolling, rollin’ out across the timeless land. Na deze legendarische woorden van Slim Dusty hier dan onze versie van ‘outback’ Australië. Omdat ons navigatie systeem de geest gegeven had, hebben we vervanging gevonden in de vorm van het meer klassieke kompas. Alvorens de tocht van oost naar west gedetailleerd te gaan beschrijven allereerst een beknopte observatie:
De outback is (in positieve zin) veel anders dan we verwacht hadden. Het landschap is erg groen en heel divers. Telkens wanneer je over een heuvel rijdt is het weer een verrassing hoe de volgende scenery zich ten toon zal stellen. Door de extreme weersomstandigheden is de route die we afleggen niet bepaald populair in dit jaargetijden. Hierdoor zijn wij één van de weinige reizigers, wat we overigens als een pre ervaren. We staan alleen op de camping (als we al op een camping staan want we slapen overwegend in Bobine) en krijgen privé excursies. We zien het vele rijden als een waar genot en genieten echt van elke kilometer door dit verbazingwekkende landschap. Enkele opmerkelijke constateringen:
  • Zand is rood en heet.
  • Bomen zijn wit of weten geen maat te houden.
  • Verkeersborden zijn geel en bevatten geregeld dier silhouetten en/of kogelgaten.
  • Koud water is warm.
  • Vrachtwagens zijn objecten om rekening mee te houden.
  • Bordjes floodway worden gebruikt in plaats van bruggen en/of dijken.
  • De meeste creeks en rivers lijken meer op zanderige wandelpaden.
  • Iedereen (de sporadische mensen die je tegenkomt) groet elkaar op de weg.
  • Windmolens worden hier gebruikt om water op te pompen in plaats van weg te pompen.
  • Een Hwy (snelweg) hier zou bij ons een B weg zijn door een safari park.
  • Elke gemiddelde dagtour is qua afstand te vergelijken met een trip naar Tirol.
  • Een plank tussen twee termietheuvels zou prima kunnen fungeren als bar basis.
  • Methanol brengt het jachtinstinct bij Bobine naar boven.
Onderstaand enkele typerende beelden van onderweg.
Cairns – Charters Towers (479.9 km)
Na onze comfortabele stek in Cairns verlaten te hebben zijn we begonnen aan de westwaartse tocht. Om naar het westen te kunnen (met 2WD Bobine) zijn we eerst terug gereden naar Townsville om vanuit daar de rode naald op de W te houden. Onze eerste bestemming was Charters Towers. Dit is een oud Goudmijn stadje in de outback. Toen we Charters Towers inreden kwamen we een ‘drive in bioscoop’ tegen, waar we vanzelfsperekend een filmpje meegepakt hebben (iets wat we zeker niet verwacht hadden in de outback).
Charters Towers – Mount Isa (770.1 km)
De volgende dag zijn we richting Mount Isa gereden. Onze eerste stop was bij een fata morgana midden in ‘the middel of nowhere’ waar de local ranger de pompen voor ons in werking heeft gesteld.
De tocht was wederom heel erg mooi maar Mount Isa zelf bleek minder ideaal.
Aldaar aangekomen zijn we volgens onze dagelijkse routine opzoek gegaan naar de lokale BBQ spot. Tijdens deze random tocht kwamen we door allerlei getto’s waar mensen ons na riepen en complete gezinnen in militaire paraatheid bleken te komen. Na de conclusie dat Mount Isa niet erg veilig leek hebben we een rustige spot opgezocht waar we ons dagelijks ritueel voort hebben gezet. Later kwam de politie nog langs, niet om ons weg te sturen wegens wildkamperen maar met de aanbeveling om toch maar buiten de stad te gaan overnachten “otherwise you are probably going to be attacked”. We zijn vervolgens ook maar de ‘blijkbaar veiligere’ outback ingetrokken. Alvorens hier ons nachtelijk uiltje te knappen hebben we de gitaar en harmonica nogmaals ter hand en mond geslagen.

Mount Isa – Tennant Creek (663.6 km)
Na Mount Isa zijn we doorgereden naar Tennant Creek. Ook voor deze kiekjes zijn we vol in de ankers gegaan (dit kan aangezien er toch geen ziel op de weg te bekennen is).
Hier hebben we een prima verkoeling /slaapplaats gevonden aan de plaatselijke billabong.
De volgende dag zijn we naar het Battery Mining Centre in Tennant Creek gegaan. Omdat we niet bepaald in het hoogseizoen kwamen kregen we een privé rondleiding van the Mining Bloke himself. De tourguide was de vader van de mijn die vol zat met leuke verhalen en anekdotes over zijn vroege dagen in de mijn (wat de tour tevens twee maal zo lang en leuk maakte)
Achteraf zijn we zelf nog op goud jacht gegaan en hebben enkele mooie stenen weten te bemachtigen.

Tennant Creek - Katherine (673.6 km)
Vanuit Tennant Creek zijn we noordwaarts gereden naar Katherine. Onderweg hebben we nog verkoeling weten te vinden in de Nakaranka Oases.
Bij Katherine aangekomen hebben we de zandman gevonden bij de cutta cutta grotten die we dan ook de volgende dag bekeken hebben (97% luchtvochtigheid). Vervolgens hebben we ons kamp opgeslagen bij het Nitmiluk National Park, waar we nog een wandeling hebben gemaakt door Katherine Gorge.
Ook hadden we vernomen dat er heel oude aboriginal tekeningen aan de overkant van de rivier zouden zijn. Aangezien in het regenseisoen het bruggentje nergens te bekennen is, zijn we naar de overkant gezwommen om deze ancient kunstvorm te aanschouwen.
Later hebben we nog een relaxte duik genomen bij een waterval.
’s Nachs hebben we nog genoten van het vele wildlife in het park en blijkbaar niesen kangaroes wanneer ze uien eten.

Katherine – Kununurra (691.4 km)
Deze westwaartse tocht was wederom verbazingwekkend. Het is net een western film zonder personages en je ziet veel te veel dingen om op te schrijven of om foto’s van te maken (wat Smits natuurlijk wel probeert bijna 80 per dag).Tijdens deze route gingen we de grens naar WA (Western Australia) over en moesten we alle fruit, groenten en dat soort dingen inleveren (de vogel in onze gril zijn we vergeten aan te geven). Iedere avond zijn er trouwens om ons heen spectaculaire onweersbuien maar we hebben zelf nog geen druppel mogen ontvangen.
We zijn nog even van de route afgeweken om een groot stuwmeer te aanschouwen.
Dit is weer zo’n voorbeeld van de hoeveelheden water die we absoluut niet in de outback verwacht hadden.
Onze nachtrust hebben we gevonden langs de weg midden in ‘the timeless land’ en hebben ook hier meer noten gespeeld dan gegeten.

Kununurra - Derby (830.2 km)
Op de splitsing Broome – Derby hebben we ons alleswetend boekje wederom om hulp gevraagd en deze wees ons zonder twijfel naar Derby. Als er trouwens iemand is die een vraag heeft aan ons boekje dan kan dat interactief via de comments (succes verzekerd!). In Derby hebben we nader kennisgemaakt met plusminus 10 meter getijden verschil, enkele lokale aboriginals en het duistere verleden (dit dorpje is nog maar 140 jaar oud).
Derby – Broom (221.8 km)
Tijdens de weg van Derby naar Broom hebben we ons kostbare water opgeofferd om een potentiële savanne brand in de kiem te smoren.
In Broom aangekomen hebben we meteen het strand opgezocht en onze kite’s opgelaten. Tevens hebben we mede kiters gevraagd naar de beste spots langs de westkust. ’s Nachts hebben we op aanraden van een spreekgrage local geslapen op de, volgens hem meest ideale, locatie in Broom.

You’ll be right mates

Map:
Statistics::
  • Percentage aan Slim Dusty muziek tijdens de roadtrip = 51%
  • Foto count deze post = 363
  • Foto count totaal = 3783
  • Bobine’s top snelheid* = 190 [km/h]
  • Bobine’s sprint van 0 tot 100[km/h] = 9.5 [s] (onafhankelijk van power stand)
  • Huidige kilometerstand: 223.007 [km]
  • Afgelegde afstand deze post = 4.850 [km]
  • Afgelegde afstand totaal = 11.631 [km]
  • Road kill count** = 79,5 [kadavers]
  • Relatieve road kill dichtheid = 16,39 * 10^-3 [kills/km]
  • Road kills per klapband = 436,15 * 10^-3 [kills/tire] roughly estimated
Zelf zijn we verantwoordelijk voor:
  • 4 vogels (gekopt, gegrild en gepureerd)
  • een tigtal insecten
  • 3 kikkers (gevoeld en ervaren)
  • 1 op een stokstaart lijkend zoogdier
* Dit was nog niet de top maar gezien de lokale omstandigheden wel het verstandigste maximum (Bobine was overigens wel onder invloed van methanol.
** het diverse insectenspectrum op Bobine’s neusje is uitgesloten van deelneming evenals anderzijds zelf aangereden slachtoffers, voor ledere flarden en/of karkassen geldt niet meer dan een half punt.
Onderstaand een illustratieve representatie van: Smits Dusty, het insectenspectrum op Bobine’s gelaat, het bord einde alle regels (eerste bord als je het Northern Territory inrijdt en ondermeer rede voor de aanvulling van bovenstaande statistics).
Conclusions:
Meer road dan rood, beter een tapeje vol dan je broek, Australië is best groot, er lijkt een overduidelijk verband te bestaan tussen de flora op je kin en de tijd die je doorbrengt in de outback, vogelzaad is een goede maaltijd uitsteller. Vogels kunnen blijkbaar de evolutiesprong hier niet bijbenen. Hoe schaarser het water hoe g(l)oorder de smaak. De afstand tot het eerstvolgende fuelstation is rechtevenredig aan de prijs bij de local pump. Bobine’s zangkwaliteiten doen ons denken aan vooroorlogse taferelen.

Recommendations:
IJswater in combinatie met woolworth homebrand tropical aanmaak sap, wederom Slim Dusty, free coffee for driver (en waarom ook niet de blijrijder). Bobine, Knoflook en ui – kan je altijd nog zien toch?

Further Questions:
Wordt een zoete witte wijn een droge witte wijn door de airco?, Oridio?, Waarom kom je een fietser tegen in de middel of nowhere (Savannah hwy)?, Overleef je het als je één slok wijn drinkt terwijl je er twee uitzweet? Staat WG voor Weinig Gebekt, Waarom Geen reactie of Wederom Goon ?, Is Bobine toe aan nieuwe stembanden?, Bestaat er een relatie tussen de ademhaling van Smits en Bobine?

Summary:
Divers, groen, warm, verfrissend, vochtig, flitsend, verpletterend, stil, wijds, kortom echt super!

Acknowledgements:
We willen Bobine bedanken voor het voortreffende transport tot dusver en hopen nog lang van haar comfortabele diensten gebruik te mogen maken. Verder willen we alle tegenliggers bedanken voor het vriendelijk groeten. En last but not least bedanken we de ‘red back’ kangoeroes dat ze (vooralsnog) niet voor ons op de weg zijn gesprongen.

Congratulations:
John en Laura gefeliciteerd met jullie 1 jarig jubileum en dat jullie er nog vele jaren (samen met little John) van mogen genieten. Hans gefeliciteerd met de aankoop van echt een super vette kever. Ow en Otto wil iedereen feliciteren die iets te vieren heeft deze maand en voor Smits geldt eerder vermelde disclaimer.

De volgende keer in smitsenotto.blogspot.com:
WA, ok moiHuidige status:
We zitten op dit moment in Cape Range National Park bij Exmouth. (1631.44km onder Broom) Dit is overigens 103km verwijderd van het dichtstbijzijnde internet. Het publiceren van deze post kost ons dus minsten 3 uur zuivere kitesurftijd op bovenstaand(rechts) strand!!!

zaterdag, februari 11, 2006

Oost rest, west is ook best

Haai,

-Preface-
Na twee afzonderlijke posts smelten de verhalen nu weer samen. Aangezien de talloze nevenactiviteiten ons tijdelijk weerhouden hebben van het post schrijven, is deze post wat langer dan normaal. Om het geheel toch enigszins leesbaar te maken is deze dan ook opgedeeld in enkele hoofdstukken.

-Index-
Chapter 1 – Magnetic Island
Chapter 2 – Otto’s in Kuranda
Chapter 3 – Krocodile farm and Table Lands
Chapter 4 – Vertrek Kim, Eric en Toeter
Chapter 5 – Raften
Chapter 6 – Cape Tribulation
Chapter 7 – Otto goes submarine
Chapter 8 – Smits en Jelly’s alternative tours
Chapter 9 – Fitzroy Island
Chapter 10 – Slot

Chapter 1 – Magnetic Island
Vanuit Airlie beach zijn we verder noordwaarts gereden naar Townsville. Dit was tevens ons opstappunt naar Magnetic Island. Omdat Bobine en Toeter niet mee mochten, zijn we te voet, met de high speed catamaran, naar Magnetic Island gegaan. Hier aangekomen hebben we Zwelgje (onderstaande 4wd, stief neefje van Pedro) gevraagd om ons naar de meest pittoreske locaties van het eiland te brengen. Zwelgjes route begon met een snurkel sessie bij blablabla baai. Naast het vele wier en het sporadische koraal, spotte Smits nog een heuse haai. Bij het verlaten van deze onderwater tocht wees Herr Otto ons nog op de bleubottles in de brandy. Vervolgens bracht Zwelgje ons naar een koalatocht waar zich (blijkbaar toch punctuele) koala’s bevonden. Na een ietwat traditionele polonaise op een erg duits aandoende bunker, zijn we ontgroend door de eerste plaatselijke moezon.
Nadat ‘s ochtens de eerste Kukabura zijn lach niet meer kon houden hebben we onze stok verlaten om paardje te gaan rijden. Marielle op “Stoney”, Kim op “Stanly”, Smits op “Candy”, Otto op “hmm stom paard” en Eric als fotograaf. Stony was puberaal, Stanly was erg groot, Smits had schimmel tussen zijn benen en Otto’s paard had watervrees.
De buitenrit was echt super, eerst door de bossen, daarna langs het strand en ook nog paardjezwemmen in de oceaan. Tijdens een galop onderweg had Smits zijn (net nieuwe) fotocamera verloren, maar na een zoektocht en een handoplegging van Kim was hij weer zo goed als nieuw (nogmaals dank).

Chapter 2 – Otto’s in Kuranda
Weer terug op het vaste land zijn we doorgereden naar Cairns. Dit was de stad waar Bobine een afspraak had voor haar extreme makeover. Aangezien Bobine toch een beetje timide was hebben de Smitsen haar begeleid naar Smash Repairs. De Otto’s zijn die dag richting Kuranda gegaan en hebben daar genoten van deze enorm mooie natuurlijke omgeving. Aangezien dit stadje nog niet heel levendig is in de ochtend zijn ze te voet naar Barron fall vertrokken. Om de geasfalteerde weg niet dubbel te hoeven afleggen hebben ze een treinritje terug genomen naar het centrum van Kuranda. Hierna zijn de Otto’s nog op een boottochtje over de Barron river gestapt op zoek naar schildpadden, vissen, eventuele krokodillen en natuurlijk het omringende eeuwenoude regenwoud.
Vervolgens hebben ze de canopy (dak van het regenwoud) bekeken vanuit een skyrail en zijn na een verfrissende tocht door het regenwoud terug naar Cairns gegaan.

Chapter 3 – Crocodile farm and Table Lands
Omdat we crocodile country binnen waren gereden leek het ons leuk om ook nader kennis te maken met dit schattige reptiel.
Tijdens de tour werd Smits gevraagd om een krokodil te wekken. Dit bleek achteraf niet meer dan een opgezette kop te zijn. Ook zou Smits een biertje krijgen als hij zich liet bijten door de giftige slang, welke na de nodige sensatie erg onschuldig en vriendelijke bleek te zijn.
Na de reptielen hebben we ook de buideldieren en Casuaries ontmoet.
Omdat het de laatste dagen flink geregend had leek het ons een goed plan om de watervallen van de Tablelands te gaan bewonderen.
Vanzelfsprekend konden Otto en Smits de verleiding niet weerstaan om verfrissing te zoeken onder deze natuurlijke douches.
Omdat dit de laatste dag voor Kim en Eric was zijn we de aankomende leegte alvast gaan opvullen in een restaurant aan de Esplanade.

Chapter 4 – Vertrek Kim, Eric en Toeter
Aangezien de datum van vertrek toch echt vaststond waren we genoodzaakt Kim en Eric veilig op het vliegtuig te zetten. Tevens was dit het afscheid van Toeter waardoor Bobine ineens weer vrijgezel was. Omdat we toch nog langer dan een week in Cairns zouden verblijven zijn we de verschillende accommodatie alternatieven gaan uitpluizen. Toevallig deed er zich een erg aantrekkelijke optie (goedkoper dan menig hostel) voor in het All (purpose) Seasoning Gateway Resort (soort van center parks in de tropen).
Dit zou dan ook ons (air-conditioned) verblijf zijn voor de komende twee weken.

Chapter 5 – Raften
De Tully river zou één van de beste locaties in Australie zijn om te raften. Voor ons was dit gerucht reden genoeg om de peddels weer eens in de hand te nemen.
Naast ons, bestond de bemanning van ons schuitje uit een blik enthousiaste Jappen (4-pack) en een kapitein die erg van alternatieven routes hield. Dit betekende onder andere dat we op de één of andere manier altijd recht op de grootste rots afgingen, dat rechtuit niet de meest voor de hand liggende koers was, en we zo nu en dan (on purpose) kapseisde. Ook leken we voordurend Jappen te verliezen.
Na de BBQ lunch zagen we nog een dreumes platypus zwemmen wat ook voor de kapitein uitzonderlijk was. Samenvattend kunnen we zeggen dat ruften op de Tully river bij een zonnige dag in het regenseizoen best amusant is.

Chapter 6 – Cape Tribulation
De volgende onderneming in dit zonnige noorden was een tweedaags tripje naar het nog noordelijker gelegen Cape Tribulation (where the rainforest meets the ocean). De heenreis verliep vlot dankzij een haastige Europeaanse chauffeur, die deze tocht ook voor het eerst deed. Vasthoudend aan elke mogelijke vorm van stabiliteit hebben we toch wat bewogen plaatjes in ons geheugen weten op te nemen.
Aangekomen in Cape Tribulation hebben wij ons onderkomen weten te vinden in “the Beach House”. Dit is een Hostel in het regenwoud grensend aan, je raad het al, het strand.
Later op de dag hebben we wederom de peddel weten te vinden om, bij zonsondergang, ‘the cape’ vanuit het oceaan perspectief te aanschouwen.
Na het verlaten van de kayak en een snelle hap, hebben we die nacht een bushwalk gemaakt. Onderleiding van Marie zijn we, gewapend met serieuze lampen, het duistere regenwoud ingetrokken. Na deze informatieve bushwalk zijn we krokodillen gaan spotten. Hierbij hebben we maarliefst 0 krokodillen gezien.
De volgende ochtend hebben Otto en Smits mountainbikes gehuurd om naar een afgelegen pool in het regenwoud af te reizen. Marielle heeft deze kans met beide handen aangegrepen om eens even lekker te gaan relaxen op het strand en aan het zwembad. De mountainbike tocht begon noordwaarts langs het strand. De eerste hindernis was een overhangende boom welke Otto landinwaarts en Smits door zee trachten te ontwijken. Bij deze synchrone manoeuvre schoot de blijkbaar inmiddels ingesloten krokodil voor de fiets langs het water in. Deze medium-size (krap 2m) krokodil zwom dus gewoon in het stuk water waar we de dag ervoor nog vrolijk gesnorkeld en gezwommen hadden.
Na een uur fietsen (berg op en af, ’s middags in noord Australië op een zonnige zomerdag in de tropen) kwamen we aan bij het wandelpad naar de pool. Na een wandeling door het regenwoud kwamen we dan eindelijk aan bij onze welverdiende afkoeling. De pool leek van een dusdanig kaliber dat ook een sprong vanuit de rand moest kunnen.
Na een zweterige tocht huiswaarts waren we net op tijd voor het busje terug naar Cairns. De chauffeur was dit keer een relaxte ozzie wat enigszins het cultuurverschil weer zou kunnen geven. Tijdens de terugreis hebben we nog een vaart over de Daintree river gemaakt. Tijdens deze tocht hebben we nog twee krokodillen gezien. De boot heette merkwaardig genoeg “Matilda 2”.
De tweede stop tijdens de terugreis was bladiebla river waar Smits en Otto, tegen het goed bedoelde advies van Mariëlle in, toch de stroomversnelling hebben getrotseerd.
Hierna heeft Ozzie ‘Jo!’ ons weer relaxed afgeleverd bij ons nederig stulpje.

Chapter 7 – Otto goes submarine
De introductie duiken bij de Witsunday Islands waren Otto dusdanig goed bevallen dat hij besloten had om hier maar eens een papiertje voor te gaan halen. Aangezien meer mensen in Cairns deze neiging hadden viel de cursus en ook de prijs enorm mee. De groep bestond uit tien gezellige mensen die allen als doel hadden om zich, na vier dagen, voortaan legaal onder water te mogen voortbewegen. Na twee dagen theorie en een beetje spletteren in een zwembadje, was het tijd voor de laatste examen duiken in het Great Barier Reef. Tijdens deze laatste duiken bleek het ‘terecht’ te gaan om het genieten van de enorm mooie omgeving en het herhalen van eerder geoefende kunstjes. Het lukte zelfs om de cursus af te ronden in de ochtend van de tweede dag. Dit betekende dat Otto de tweede middag nog kon genieten van zijn eerste gecertificeerde duik. Op zich is het Great Barrier Reef geen slechte omgeving om een duik te nemen. Echt super VET! Met als extra voordeel een instructeur/gids die erg veel weet van de omgeving, het koraal en de vissen die er rond zwemmen. Tijdens de extra duik werden we zelfs nog aangenaam verrast door het bezoek van een haai. Kortom, DUIKEN IS SUPER!!!

Chapter 8 – Smits en Jelly’s alternative tours
Tijdens Otto’s dive adventures hebben Smits en Mariëlle onder andere wat cultuur gesnoven bij de Tjapukai Aboriginal community. Naast een cursus boemerang en speer werpen hebben ze mogen genieten van een traditionele dans sessie, het scheppingsverhaal en de historie vanuit een minder gecensureerd perspectief.
De dag hierna zijn ze met de skyrail over het regenwoud naar Kuranda gegaan en hebben onderweg nog een bush walk gehad van de aboriginie ranger.
Nadat Smits in Kuranda een kangoeroe lederen hoed gekocht had (is ie goed gekeurd Arie?) hebben ‘Smits Dusty’ en Mariëlle de enigszins antieke trein gepakt door het regenwoud.
Na de Kuranda tocht was het hoogtijd voor wat fysieke ontspanning en dus hebben de Smitsen de wakeboard-baan opgezocht. Jomaivha, wakeboarden aan de andere kant van de wereld is (op de temperatuur en het uitzicht na) net zo relaxed.
De volgende ochtend zag Smits uit het raam de palmbladeren dansen op de wind en een kitesurfdag, waarbij Mariëlle relaxed op het strand heeft gebruind, was het gevolg.

Chapter 9 – Fitzroy Island
Ter afsluiting van Mariëlle’s verblijf en Otto’s duikcursus hebben we een trip naar Fitzroy Island gemaakt. Deze dag stond voornamelijk in het thema van relaxen. Ook hebben we snorkelend, onder leiding van onze nieuwe gids Otto, het lokale koraal bewonderd. Ook al trachtten Smits een ‘bush tucker’ lunch te bereiden, toch bleek de kiosk een beter alternatief te hebben voor overrijpe kokosnoot. (we hebben ‘um terug geworpen, hij stonk)

Chapter 10 – Slot
Ook nu was de tijd van gaan weer gekomen en hebben we Mariëlle liefdevol naar het vliegveld gebracht. Hier bleek Mariëlle ineens haast te hebben om terug naar Holland te gaan voordat er hier een watervloedsramp zou ontstaan (comment?).
Voor dat we af gaan sluiten hier het verbazingwekkende resultaat van Bobine’s extreme makeover (kosten: 1756,93 aus dollar, gesposord door NRMA insurance).
Voor:
Na:
Omdat we nu we toch al in Australie zijn, leek het ons wel een goed idee om het hele continent rond te rijden. Morgen rijden we dan ook aan naar Broom in West Australie om ook de west kust op kitesurfbaarheid te testen. De totale reis die we nu nog af gaan leggen zal boven de 10.000km liggen en op het advies van Pa Otto gaan we voortaan ook de kilometerstand noteren.
Voor aan de grote reis te beginnen hebben we Bobine nog een grote beurt gegeven: verse olie, nieuw olie filter, banden roteren, nieuwe remschijven, nieuw benzinefilter, injectie en fuel reiniger en nieuwe bougies. Ook hebben we twee zaken uit moeten besteden: uitlijnen en balanceren.

Kaartje:
Huidige kilometerstand: 218.157 Aankoop: 211.376
Gereden kilometers: 6781

Kakatoedeloe,
Otto en Smits (the guys from threefifteen) en natuurlijk ook Kim, Eric (poes?) en Mariëlle.

Conclusions:
Hoge bomen laten veel wind, er blijkt een opmerkelijk verband te bestaan tussen de oneetbaarheid van een burger en de smaak ervan, de terugweg blijkt altijd korter dan de heenweg, zoals het klokje hier tikt klinkt het ook best aardig, Australie – het land van de onbeperkte kruiden, misschien is (met de zon op 12 uur) een mountainbike niet het ideale vervoersmiddel in de tropen, een objectieve bevinding van verurineerde koffie: Otto vindt dat zijn pis naar koffie ruikt terwijl Smits zich verbaast over de gele kleur, Australisch is engels met je neus dicht. Jappenhuid blijkt niet het meest ideale antislip middel.

Recommendations:
Onhandelbare burgers, the coconut resort (buren van all seasoning) swimmingpool (het koppen van het bijbehorende bubbelbad d.m.v. een achterwaartse salto is overigens niet aan te bevelen), ongeveer één op de twintig foto’s haalt deze post ... kan je na gaan hoeveel verhaal het internet haalt, wijnklontjes, drink geen goon uit een glazen glas.

Further Questions:
Waarom denken vrouwen dat een kevers hier een snavel hebben?, waarom vraagteken comma?, hoe vetaal je: “good on ya mate”, een krokodil heeft een grote bek, hersenen ter grote van een walnoot en is liever lui dan moe, WuivendGras is dit niet jullie ideale huisgenoot?, waarom zouden we eigenlijk niet gewoon het hele continent rond rijden? kan Smits Dusty ooit nog zonder zijn Swag?, is deze post nog te volgen?

Summary:
Good Stuff, Ey

Congratulations:
Talita, Daphne, Jurgen en Loes gefeliciteerd met jullie verjaardagen. Ow, en om te voorkomen dat Otto dit jaar iemand vergeet, bij deze iedereen alvast gefeliciteerd.
Disclaimer: Smits verontschuldigd zich alvast voor iedereen die hij niet heeft gefeliciteerd of niet gaat feliciteren.

Postface:
What?